Verhaaltje Bent (?)
Zeedijk

Ik lag al maar kon de slaap niet vatten
weer opgestaan, dat klinkt bekend
toch moet ik blijven zoeken, blijven schrijven
totdat jij een verhaaltje bent.

Van hoe we elkaar vonden in een vreemde stad op straat
wat onwennig de stad verkenden en elkaar verkeerd verstonden
Elke zin maakte je mooier, mooier dan ik dromen kon
maar van al die mooie zinnen blijkt nu dat ik de helft verzon

Ik lag al maar kon de slaap niet vatten
weer opgestaan, dat klinkt bekend
toch moet ik blijven zoeken, blijven schrijven
totdat jij een verhaaltje bent.

Het is na drieën en ik schenk nog een keer in
in een vuil beduimeld glas
ik blus de droesem die er achterbleef
van de bloesem die verliefdheid ooit was

Ik lag al maar kon de slaap niet vatten
herinner me die ene dag in Gent
ik zal de woorden vinden en ze binden inde zinnen
totdat jij een verhaaltje bent.

Ik lag al maar kon de slaap niet vatten
weer opgestaan, dat klinkt bekend
toch moet ik blijven zoeken, blijven schrijven
totdat jij een verhaaltje bent.

Maar zo kan ik het niet vertellen
zo ben ik het zelf te snel moe
De laatste regel, kus me een keer
Want deze anekdote heeft nog geen clou

Ik lag al maar kon de slaap niet vatten
herinner me die ene dag in Gent
ik moet de woorden vinden en ze binden in de zinnen
zodat jij een verhaaltje bent.